Onze weervolf... en andere parasieten

Gestart door Tiago, 18-06-2012 20:00:52

Vorige topic - Volgende topic

0 leden en 1 gast bekijken dit topic.

Tiago

#1140
Was ist Wahrheit und was ist Dichtung?
Is dat de vraag, razorx?
Tsja, woorden zijn... woorden. Ze gaan pas leven met de fantasie van de lezer. Met dat voorstellingsvermogen als katalysator moet een verhaal geur en kleur krijgen, meen ik. De lezer levert dus het belangrijkste ingrediënt. Voor de één een rollercoaster-ride kan een verhaal voor de ander een droog reisverslag zijn.
Als ik bij het teruglezen van mijn verhalen de geuren weer ruik, de kleuren weer zie en het angstzweet weer proef, dan weet ik.... Ja, zo was 't!

En over storm...
Ach... zolang men op volle zee zit kan er niet zo gek veel misgaan. Waait het zachtjes dan voert men vol zeil, gaat het harder waaien dan maakt men het wat kleiner.
Men blijft wel drijven, normaal gesproken.
Persoonlijk begin ik 'm pas te knijpen met land in zicht. Ik zal daar een voorbeeld van geven....  

Tiago

#1141
Bijvoorbeeld, toen ik voor de eerste keer, ergens eind november, de Guadiana opvoer, nog vóór ik Maria had leren kennen dus...


Cabo Sao Vicente gepasseerd... Verdraaid, er is wind!
Ik schiet de roef in en stel op het GPS het "waypoint" in bij de verkenningston van de Rio Guadiana. Ook raadpleeg ik de Navtex...
De Portugese meteorologische dienst heeft het een en ander te melden over een aantal Marokkaanse kustplaatsen, waaronder Casablanca en Agadir; de Portugese meteorologische dienst heeft geen enkel bericht over Portugese kustplaatsen. Merkwaardige dienst!
Afijn, als Casablanca in de loop van de dag een zuidwester van vier à vijf voor de kiezen krijgt, dan zal het niet heel lang duren of diezelfde wind gaat ook waaien aan de Zuid-Portugese kust. Nietwaar? Het is een beetje meteorologie van de kouwe kust, maar men moet wat!

Ik word trouwens behoorlijk giftig van die vis hier...
In de Golf van Biskaje zijn al mijn Zweedse (d.w.z. de in Malmö aangeschafte) blinkertjes opgepeuzeld, zonder dat ik er iets voor terugzag. In het Galicische vissersdorpje Muros vier nieuwe gekocht. In het afgelopen uur zijn er daarvan al twee verdwenen, met snoer en al.
Kijk, daar wordt deze man chagrijnig van!
Een derde blinkertje zal een zelfde lot beschoren zijn, wanneer ik geen tegenmaatregelen tref.
Bij het tweede had ik reeds het 11 kg.-garen tevoorschijn gehaald. Nu, bij ontstentenis van zwaarder materieel, besluit ik om de draad te verdubbelen...
Wat zijn dat dan voor makrelen? Zijn die gasten genetisch gemanipuleerd of zo? Holy mackerel!

Nadat ik het dubbele snoer heb uitgevierd sta ik op het voordek te genieten van het uitzicht op Portimao...
Of "genieten"? Veel lelijke, hoge hotels eigenlijk!
Intussen sta ik me nog steeds het hoofd te breken over de makrelen van het kaliber Jurassic Park. Zou het misschien zo kunnen zijn dat een makreel die aan de haak hangt, vervolgens wordt weggehapt door de dolfijnen die om de andere haverklap rond de boot verschijnen?

Die dolfijnen zijn zich trouwens een hoedje geschrokken...
Ik had tot dusver de indruk dat ze me wel in het snotje hadden. En misschien was dat ook wel zo, maar dachten ze dat ik niet veel groter was, c.q. kon zijn, dan dat hoofd dat over de reling verscheen, haha!
Zojuist vertoonde ik even mijn volle gestalte bij de voorstag. De dolfijn die van zins was om de voorplecht de goede weg te wijzen dook in een hoek van negentig graden weg en meteen was de hele troep pleite...
Geschrokken van mijn afmetingen? Het zal toch niet!?
Toch vind ik het maar beter om mijn visgerei binnen te halen. Want tegen een dolfijn is zelfs een dubbelloops sleeplijn niet opgewassen.
Bovendien, wat moet ik met een dolfijn!? Ik ben geen kannibaal!

Terwijl ik de lijn binnenhaal, voel ik dat ik beet heb...
Makrelen lijken bij het inhalen onooglijk. Eenmaal aan boord blijken ze niettemin de toets der kritiek te kunnen doorstaan. Echter, de jongen die nú aan de lijn hangt, boezemt al ontzag in terwijl ie nog in het water ligt. Kun je nagaan!
Eenmaal aan boord moet ik de loebas van de haak halen. Maar hoe?
Mijn rechterhand heb ik nodig voor het onthaken. En de linker-... past niet om de vis!
In een innige omhelzing tussen dij, buik, borst en arm spreek ik hem geruststellend toe: Do giest der oan, heite!
Ik zie geen mogelijkheid om het karwei (het verwijderen van de haak, meen ik) te klaren, dus ik besluit om de vis eerst le coup de grâce te geven...
Nu heb ik voor dit soort rituele slachtingen een grote plastic bak aangeschaft destijds in Lauwersoog, maar... welnee, ondergetekende kan het wel even boven het putemmertje!
Ja, níet dus!
Kortom, het wordt een bloedbad!
Even twijfel ik zelfs of ik niet mezelf getroffen heb met het koele staal.
Kunnen we net hebben! Dat ík harakiri pleeg, terwijl die vis zich doodlacht! Twee lijken op een stuurloos schip, aardig gegeven voor een Ruth Rendell story.

Zo, de kop is overboord gesmeten, dus als hij nu nog beweegt, zijn dat zenuwtrekjes.
Zélf een beetje spastisch ga ik op zoek naar het grote visboek. Mijn intuïtie volgend, zoek ik 'tonijn' op en jawel... spijker op de kop!
Een tonijn kan een lengte van vier meter bereiken, vertelt het boek.
Zo! Heb ik dus toch nog een onderdeurtje getroffen!
"De exemplaren die gevangen worden, hebben doorgaans een lengte van een meter."
Dát komt meer in de buurt!
In Amerika werd de tonijn ooit niet als lekkernij gezien en werd hij aan de kippen gevoerd, neuzelt het boek voort. Churchill zou uitgeroepen hebben, toen hem die mare ter ore kwam: Sóme chicken food!
In moten gesneden en gebraden is de vis een delicatesse, hoewel men hem ook rauw schijnt te kunnen verorberen...
Afijn, ik haal een drietal o zo goedkoop aangeschafte en o zo handige, maar tot dusver o zo ongebruikt gebleven tupperware bakjes te voorschijn. De drie deksels waaien meteen onder de buiskap vandaan de zee in, terwijl ik geconcentreerd de tonijn in moten zit te snijden. Althans, zo móet het gegaan zijn... In ieder geval, de deksels zijn pleite!
Ik zet de moten blootshoofds in de koeling.

De wind ruimt zodanig dat ik vrij kan zeilen van Faro...
Intussen begint het wel dermate hard te waaien dat ik een rif moet steken. Terwijl ik daarmee bezig ben, dwaalt mijn blik over het kielzog. Ik zie een gitzwarte lucht richting kust drijven.
Oei, geen wonder dat de wind zo opsteekt. Als het meezit, blijft die lucht achter me en trekt landinwaarts over Portimao.
En, zo gebeurt het!
Ik vrees dat het in Portimao niet bij windkracht vijf gaat blijven.

Om zes uur vaar ik Faro voorbij. Merkwaardige aanblik...
De bebouwde kom is mijlenver landinwaarts. Het is net alsof een enorme kale vlakte zich uitstrekt tussen Faro en mij (veel later, voorzien van gedetailleerdere kaarten, zal ik erachter komen dat het om een soort "Waddengebied" gaat, achter de zandige en strandige eilanden voor de kust).
Afijn, de Cabo Santa Maria is gepasseerd. Ik kan nu een stukje afvallen. Overigens is de wind ook weer aan het ruimen geslagen. Bovendien neemt zij nog in kracht toe. Het waypoint bij de Rio Guadiana kan ik nu bezeilen met een ruime wind. Toch moet ik nog een tweede rif bijsteken en de genua een stuk innemen.

De zee wordt erg ruw en af en toe kletst een schuimkop me in de nek. Volgens de door het GPS berekende ETA (geschatte aankomsttijd) bereik ik bij deze snelheid de Rio nog vóór tienen.
Geen wonder! Ik loop ruim zeven knopen in het uur!

Om halfnegen wordt mijn zeilboot door een harde wind op één oor gedrukt. De storm huilt nu door het want.
Ik kijk naar de lucht, maar kan niks zien – het is pikkedonker. Maar wat ik vermoedde, komt uit, want... plotsklaps gutst de regen met bakken uit de hemel. Het striemt zo hard in m'n gezicht dat ik mijn ogen niet kan openhouden.
Tjongejonge, ik zal eens mooi weer hebben! Dat krediet heb ik de afgelopen zomer kennelijk geheel opgebruikt.
Als het ophoudt met regenen, kruip ik naar voren om het grootzeil te strijken...
Ook rol ik de genua nog een stukje verder in. Dan bereik ik mijn doel maar wat later!
Volgens de almanak dient men de "drempel" van de rivier te "nemen" in de drie uren die aan hoogwater voorafgaan, dus ik heb de tijd tot halfeen vannacht.

Mijn waypoint bevindt zich bij de eerste groene boei...
Ik zie echter absoluut geen groene boei. Kan ook haast niet vanwege de enorme zeegang. Tot overmaat van ramp begint het ook weer hard te regenen.
Als ik op de top van een reusachtige golf "sta", zie ik heel eventjes een rood lichtje voor me. Bliksemsnel neem ik een punt op de wal in het verlengde van dat lichtje en stuur daarop toe. Dat valt niet eens mee, want de helmstok wil mijn schouder uit de kom trekken.

Ik zie het rode lichtje niet terug..
Wel zie ik een ander rood lichtje. Ik besluit dat dicht aan stuurboord te passeren. Dan moet het haast wel zo zijn dat ik de bijbehorende groene ton aan stuurboord houd. Ook al zie ik die krengen niet. Blijkbaar was er alleen geld om de boeien aan Portugese kant te verlichten. Hoewel, het kan ook zijn dat ik ze gewoon over het hoofd zie. Het is noodweer!
Met samengebalde billen dender ik voort. Ik kan niet anders. Ik ben ettelijke dagen onderweg nu. Ik móet een ankerplaats vinden om verloren slaap in te halen.

Volgens mij ben ik de drempel over...
Ik houd nu aan op een rood licht dat gelukkig een stukje hoger staat dan het voorgaande, zodat ik het niet bij elke golf uit het zicht verlies. Ik houd het op één lijn met de vuurtoren.
Het rode licht blijkt zich op het einde van een pier te bevinden, vandaar het hoge standpunt. Zodra ik in de beschutting van de pier kom, neemt de zeegang af. Niettemin blijft mijn snelheid op vijf knopen hangen. Ik neem het volgende rode lichtje op de korrel. Wanneer ik daar haast aan toe ben, begint het zich te verplaatsen...
Kolere, ik blijk me gericht te hebben op de achterlichten van een auto! Ben ik even blij dat die pier zich aan bakboord van de riviermond bevindt!

Ter hoogte van het Spaanse Ayamonte laat ik het anker vallen...
Tjonge, wat zal ík lekker slapen vannacht!

Marc O.

Geweldig. Schrijf een boek (of weblog) met deze zeilbelevenissen en ik zal het met veel plezier in één ruk uitlezen :D
...The Nile isn't just a river in Africa...

Tiago

Haha!
Plenty verhalen op de plank, hoor, maar... eh, ik meen dat ik je al eens verteld heb dat ik als jochie van zeven nog geen kinderpostzegel kon verkopen aan mijn eigen liefhebbende moeder, dus... (een boek van) mezelf verkopen!? Daar heb ik het lef niet voor, vrees ik.

Maar... om nog even duidelijk te maken, dat ik persoonlijk vind dat men op volle zee veiliger is dan met land in zicht, de volgende horror story, die zich afspeelde nadat ik in de Rio Guadiana voor anker gegaan was....

razorx

#1144
Jeetje, voordat ik te persoonlijk wordt: Bij mezelf herken ik dat als een vlucht. Iets ergers opzoeken om het gewone te vergeten.
Maar, dat is hoe het bij mij werkt.

Misha

Citaat van: razorx op 25-07-2013 23:33:00
Jeetje, voordat ik te persoonlijk wordt: Bij mezelf herken ik dat als een vlucht. Iets ergers opzoeken om het gewone te vergeten.
Maar, dat is hoe het bij mij werkt.
Ah, vandaar de 850.. :evil:
Citaat van: ClaudiaMisha snapt het. :azn:
Citaat van: Marc O. op 16-08-2013 20:42:45Ja, zie je wel, Misha snapt het

razorx

Citaat van: Misha op 25-07-2013 23:43:26
Citaat van: razorx op 25-07-2013 23:33:00
Jeetje, voordat ik te persoonlijk wordt: Bij mezelf herken ik dat als een vlucht. Iets ergers opzoeken om het gewone te vergeten.
Maar, dat is hoe het bij mij werkt.
Ah, vandaar de 850.. :evil:
Zit voor een deel wat in. Duiken in een ander probleem, ik spreek nu voor mezelf, is een welkome afleiding van een ander probleem.
Ik heb dat allemaal wel achter me maar het is nuttig zo iets te herkennen. Het kan een vlucht zijn, dat is niet goed, of een afleiding. Dat laatste ervaar ik als goed, mits de afleiding niet te groot is.

Nu pak ik een probleem meteen aan. Maar het is heerlijk om in je vrije tijd iets heel ernstigs en belangrijks aan te pakken zoals je auto of het huis.
Je verzet je geest en scherpt die tegelijk. De scheidslijn is vaag maar zichtbaar. ;)

Misha

Citaat van: razorx op 25-07-2013 23:54:40
Citaat van: Misha op 25-07-2013 23:43:26
Citaat van: razorx op 25-07-2013 23:33:00
Jeetje, voordat ik te persoonlijk wordt: Bij mezelf herken ik dat als een vlucht. Iets ergers opzoeken om het gewone te vergeten.
Maar, dat is hoe het bij mij werkt.
Ah, vandaar de 850.. :evil:
Zit voor een deel wat in. Duiken in een ander probleem, ik spreek nu voor mezelf, is een welkome afleiding van een ander probleem.
Ik heb dat allemaal wel achter me maar het is nuttig zo iets te herkennen. Het kan een vlucht zijn, dat is niet goed, of een afleiding. Dat laatste ervaar ik als goed, mits de afleiding niet te groot is.

Nu pak ik een probleem meteen aan. Maar het is heerlijk om in je vrije tijd iets heel ernstigs en belangrijks aan te pakken zoals je auto of het huis.
Je verzet je geest en scherpt die tegelijk. De scheidslijn is vaag maar zichtbaar. ;)
Is heel erg waar en ook herkenbaar. Ik zou het niet echt een vlucht willen noemen maar het was wel altijd een moment voor mezelf en mijn eigen ding in "de moeilijke jaren".

Het huis was logischerwijs indertijd minder een optie, maar is dat juist nu weer van toepassing. En de auto ? Ach, die moet ruim zitten, lekker sturen en zo min mogelijk kosten en al helemaal geen werk.  ;D
Citaat van: ClaudiaMisha snapt het. :azn:
Citaat van: Marc O. op 16-08-2013 20:42:45Ja, zie je wel, Misha snapt het

Tiago

Ik weet niet of we nu langs mekaar heen zitten te praten...
Het kan ook zijn dat jullie in mijn "blinde vlek" lopen te donderjagen. Wat dies ook zij, als het gaat om de keuze "fight or flight", begrijp ik uit jullie reacties dat vluchtgedrag per definitie "niet goed" is.
Ik waag daarover een iets soepelere opvatting te koesteren. En ik wil daarover best een keer uitweiden, tegen de vechtlustigen onder u, maar... eerst even de beloofde horror story die duidelijk moet maken waarom het terug-naar-de-kust-verlangen, ook zo zijn uitvallen heeft...


Het is zondag. Zesendertig uur geslapen. Nou, niet helemaal. Ben tussendoor even opgestaan om een paar moten tonijn te bakken. Heb mijn vingers erbij opgegeten. Daarna ben ik weer gaan slapen. Heb trouwens niet veel gemist, want het regende alleen maar.

De zon komt er even door.
Ik maak van de gelegenheid gebruik om muoike Frouk in Zweden op te bellen. Ik heb vanmorgen een vreemde rode uitslag in mijn baard ontdekt en herinner mij dat omme Pyt daar vroeger ook last van had.
Bargefleis en sterke krûden, wijst muoike als mogelijke oorzaken aan.
Nou, hetgeen ik aan varkensvlees nuttig mag geen naam hebben, maar... sterke kruiden?
Die soepjes van Cyriaque vanzelf! Toch maar een beetje gaan doseren met dat spul!
Ik ga weer vroeg te kooi, want het is guur rotweer en ik ben nog steeds niet uitgeslapen. Heb eens iemand horen zeggen, dat men gemiste slaap nooit meer kan inhalen. Nou, daar merk ik voorlopig niet veel van.

Ik word 's morgens vroeg wakker van een fel licht dat in mijn gezicht schijnt.
Een boot die passeert? Op dit uur? En met dit rotweer? En waarom bij mij naar binnen schijnen?
Slaperig steek ik de neus aan het venster...
Godverdegodver!!! Dat is geen passerende boot! Dat is... dat is... een STRAATLANTAARN!!
Ik sprint naar buiten en zie achter me de neus van een gigantische vissersboot op mij afkomen. Maar... dat is schijn. IK kom op de víssersboot af!
Ik zet mijn schouder tegen de boot, maar tevergeefs. De kracht waarmee mijn stalen Ithaka aankomt is te groot. De hekstoel buigt kreunend naar binnen...
Geen tijd om daarbij stil te staan, want de snuit van Ithaka zeilt nu met een rotgang op de kademuur af...
Ik sprint naar voren, struikel en klap voorover in het gangboord. Ik krabbel op en zie machteloos toe hoe het stevenbeslag met een gil die door merg en been gaat, verkreukelt tegen de kademuur.

Als een kip zonder kop ren ik van achteren naar voren en vice versa...
Maakt niet uit. Ik had net zo goed te kooi kunnen blijven. Ithaka ligt dwars voor de vissersboot met de neus schuin in de kademuur. De stroming van de rivier kolkt wit schuimend om ons heen en zorgt dat mijn schip muur- en muurvast zit.
Mijn pyjama is doorweekt. Het elastiek van mijn broek dat toch al een rekbare taakopvatting had, kan het extra gewicht niet aan. Terwijl ik met meerlijnen in de weer ben, moet ik telkens met één hand mijn pyjamabroek ophijsen teneinde nieuwe struikel- en valpartijen te voorkomen. Dit brengt me op het idee dat ik net zo goed een paar kleren aan kan trekken, want mijn schip loopt niet weg. En ziek worden kan ik er nu even niet bij hebben.

In mijn ontreddering denk ik er niet aan om meteen fatsoenlijke zeilkleren aan te trekken. Met als gevolg dat ik tien minuten later weer tot op de laatste draad van mijn hemd doorweekt ben. Maar ik ben erin geslaagd, om stootwillen en meerlijnen zó aan te brengen dat mijn schip langs de kade getrokken kan worden op het moment dat het getij het toelaat.
De puinhoop aan boord is even niet te overzien, maar dat is van later zorg.
Op de kade zie ik een auto staan. Nu is dat niet zo bijzonder ware het niet dat er iemand in zit. Merkwaardig. Ik laat de man met rust, want ik verwacht geen hulp. Ithaka ligt vast, totdat die helse, kolkende stroming afneemt. Klaar als een klontje!
De man komt na een halfuurtje eens een kijkje nemen aan de kade. De conversatie verloopt stroefjes. De man spreekt geen woord over de grens en ik kom ook niet veel verder dan: Malo tiempo! en Marea es fuerte! Wanneer de man mijn meteorologische spitsvondigheden twee maal heeft afgedopt met een volmondig Si!, zijn we uitgepraat.
Ik vraag hem na een lange stilte (we staan onder het afdakje van het brandstofstationnetje op de kade) hoe laat het laagwater is...
Hij steekt zeven vingers in de lucht.
Aha, het is nu twintig voor zeven, dus... dat is te overzien...

En inderdaad, vier volle uren later begint de stroming een heel klein beetje af te nemen.
Het manneke is overigens om tien voor zeven al met een omstandig Ciao in zijn autootje gesprongen en weggereden.
Naarmate de golfslag toeneemt, hapt Ithaka steeds meer verf uit de vissersboot. Dat is momenteel mijn grootste zorg. De schade aan mijn schip moet ik maar nemen, zoals die is. Maar de schade die ik aanbreng aan de vissersboot, dát zal wel een verzekeringskwestie worden.
Ik probeer met dweilen, kussens en overalls de scherpe kanten van Ithaka te isoleren van de vissersboot. De verf is er al af. Nu begint Ithaka aan het hout van de visser te knagen. De geur van hars dringt mijn neusgaten binnen. Ik sta zo goed als machteloos...
Nee, het zijn niet mijn gelukkigste momenten. Met de rug tegen de vissersboot probeer ik de golven enigszins op te vangen en de schade te beperken, maar het is meer om het idee te hebben dat ik wat doe, dan dat het werkelijk effect heeft.
Inmiddels is er een paraplu op de kade verschenen. De havenmeester die eronder schuilgaat, staat hoofdschuddend mijn hopeloze strijd aan te zien. Ik hef in een machteloos gebaar de handen ten hemel. De man knikt me begrijpend toe. Ik geloof warempel dat hij met me meevoelt.
Intussen blijft de regen uit de hemel gutsen. De kade kan de vergelijking met de Niagara watervallen gemakkelijk doorstaan. Het is werkelijk niet te geloven. Ik heb diluviale regenval op zee meegemaakt, maar wat er deze ochtend neerdaalt is niet te beschrijven.

Ik begrijp niet goed, waarom de vissersboot gisterenavond niet uitgevaren is. Het is immers maandag. Als ik een blik naar achteren werp, zie ik dat alle vissersboten aan de kade zijn blijven liggen.

Ik ben bekaf en sta te trillen op mijn benen. Terwijl ik ruggelings tegen de vissersboot aanleun, staar ik in het voorbij kolkende water in de hoop dat het tij spoedig zal keren. Ik moet oppassen dat ik niet wegdommel, want het is me al een paar keer overkomen dat een hand of vinger bijna bekneld raakte tussen hekstoel en boeg. Met de krachten die er worden uitgeoefend, zou dat een gewisse amputatie betekenen.

Om halfelf is de paraplu van de havenmeester weer op de kade verschenen.
Er voegen zich meer paraplu's bij hem. Ik heb de indruk dat de getijstroom aanmerkelijk is afgenomen en begin te sjorren aan de lijn die op het voordek gereedligt. De mannen op de kade begrijpen mijn bedoeling en de paraplu's tuimelen op de grond. Met vereende krachten slagen we erin om het schip in beweging te zetten. Met veel gepiep en geknars komt het stevenbeslag los van de kade en... opeens ligt Ithaka normaal afgemeerd, alsof er niets aan de hand is. Ik krijg subiet een weggetrekker en zijg amechtig neer op het voordek. Bijna zes uur achtereen ben ik in touw geweest. Ik heb het gevoel dat ik over moet geven en weet enkele tellen van ellende niet waar ik het zoeken moet.
Wanneer ik mezelf weer een beetje hervonden heb, begin ik tegen de havenmeester te stamelen dat ik nogal wat schade heb aangebracht aan de vissersschuit. De schipper zelf blijkt zich in het gezelschap op de kade te bevinden en maakt een wegwerpgebaar: No hay problemo!
Ik geloof mijn oren niet. Ik reik hem de hand en prevel in mijn beste Spaans: Muchos gracias!
Ik frommel uit mijn broekzak een kletsnat biljet van vijftig euro tevoorschijn en wil hem dat geven, bij wijze van vergoeding voor tenminste de verf...
No no no no! Don't worry about it! weert hij ook dit gebaar lachend af.
Ik ben ontroerd. De lezer weet dat ik me nooit anders dan in lovende bewoordingen over vissers uitgelaten heb en ik beloof bij deze plechtig dat ik daarin zal persisteren.
Wanneer ik hem vraag, waarom hij niet uitgevaren is, schiet hij onbedaarlijk in de lach.
Met dít weer zeker!
Het is trouwens dermate laag laagwater dat ik met geen mogelijkheid aan de kade kan komen, zolang ik niet de vorm hervind waarin Andrei Boebka en ik normaliter steken. De havenmeester gebaart met handen en voeten dat ik hier niet lang mag blijven liggen omdat dit de plek is waar vissersboten hun combustible tanken...
Comprendo! Maar... mag ik tenminste blijven liggen tot het water wat hoger is gekomen.
Dat is goed.
Trouwens, welke vissersboten eigenlijk, schamper ik ondankbaar binnensmonds, alles ligt op één oor. Er is hoegenaamd geen schip op de rivier.

Terwijl ik mezelf een macaroni-schotel bereid, begin ik me te realiseren hoeveel geluk ik gehad heb. Het had immers veel tragischer kunnen aflopen. Mijn odyssee had in een complete schipbreuk kunnen eindigen. Ik had ledematen kunnen verliezen.... Ga zo maar door!
De enige schade die ik geleden heb, is... een pijnlijke knie, een verbogen stevenbeslag, een ontzette hekstoel, een klomp die in het woest kolkende water is verdwenen...
Nee, ik mag niet mopperen.

Marc O.

Ik blijf erbij, ga een boek schrijven! Als je dat niet doet, dan een boektip voor degenen die dit soort verhalen, net als ik, helemaal geweldig vinden: "Land in Zicht" van Thomas Siffer (die tegenwoordig ook in Portugal woont... Je zou bijna gaan denken dat..... neh....;D)
...The Nile isn't just a river in Africa...

Broabander

Helemaal mee eens! :eusa_clap: Zet mij maar vast op de bestellijst, als je een boek uit gaat brengen ;D
EX: 1995 Volvo 854 2.5 10V LPG

Eindstand (07-03-2013): 650.000

Nu: '04 VW Polo 1.4 Aut.

Tiago

Niet verkeerd, al twee boeken verkocht!
Alleen nog even een uitgever vinden!

Any suggestions?

Tiago

Even wat anders...
Ik zag zojuist bij toeval dat mijn allereerste bijdrage op 18 juni van het vorige jaar lelijk gecoupeerd is. Alleen het beginnetje staat er nog.
Weet iemand hoe dat kan?
Beginnen de moderators mij langzaam uit te gummen?

viking_in_shorts

Citaat van: Tiago op 27-07-2013 20:56:05
Even wat anders...
Ik zag zojuist bij toeval dat mijn allereerste bijdrage op 18 juni van het vorige jaar lelijk gecoupeerd is. Alleen het beginnetje staat er nog.
Weet iemand hoe dat kan?
Beginnen de moderators mij langzaam uit te gummen?

Ben bang dat je dat zelf gedaan hebt:

Citeer
« Laatste verandering: 15-07-2013 22:02:24 door Tiago »

Tiago

Beetje triest vandaag!
Heb zojuist met zoveel woorden te horen gekregen dat ik seniel word. Dankjewel voor je directheid, viking-in-skirts!

Het is waar dat ik erachter kwam ooit, dat (één van) de manier(en) om de titel van dit blog te nuanceren, via de allereerste bijdrage gaat...
Kennelijk was ik dronken, toen ik dat de laatste keer deed, en heb ikzelf per ongeluk het grootste gedeelte van die bijdrage "uitgegumd". Voorgoed verdwenen!
Zal ook niet zo belangrijk geweest zijn, die eerste bijdrage. Vermoedelijk een hoop geneuzel over wat een geweldige auto ik gekocht had...
Wel, we weten inmiddels allemaal hoever dát bezijden de waarheid was!